MITserv

Via een headhunter kom ik in 2017 in contact met MITserv. Een eerste gesprek volgt snel en Marcel en ik lijken elkaar te begrijpen. Hij heeft iemand nodig die op zijn niveau kan denken (Senior Network Engineer) maar ook iemand die ervaring heeft met management van een automatiseringsbedrijf. Hij heeft aan het thuisfront wat problemen die zijn aandacht nodig hebben en hij moet zijn bedrijf even wat naar de achtergrond schuiven. Ik wil er wel aan beginnen en Marcel en ik hebben ook een klik. Al snel praten we inhoudelijk hoe we het gaan optuigen.

Tijd voor inwerken was er nauwelijks. Direct in het diepe want er waren legio openstaande projecten die opgepakt moesten worden. Er was al te lang geen tijd aan besteed. Ik was het gewend en ging ook gewoon aan de slag. Project voor project werkte ik de achterstand weg. In korte tijd stuurde ik ook de rest van het personeel van de firma aan. Marcel was me dankbaar en was veel thuis. We belden vaak ‘s-avonds laat om wat zaken door te spreken en de eerste maanden was de samenwerking prima, voor zover er sprake was van “samenwerking” want Marcel was er nauwelijks. Hij leek vertrouwen in me te hebben en vanuit de klanten kwamen ook positieve geluiden. Maar het werd steeds drukker. Ik werkte veel in de avond en menig weekend werd ook opgesoupeerd door MITserv om de lopende zaken af te kunnen ronden. Ik vond het niet zo erg. Ik ben nooit een nine-to-five persoon geweest.

Toch kwamen er scheurtjes in onze samenwerking. Kleine zaken kwamen een voor een aan de oppervlakte. Toen ik ontdekte dat hij aan een grote klant een hosted “redundant” SQL oplossing had verkocht en factureerde merkte ik op dat deze helemaal niet redundant was opgebouwd. “Dat weet ik” zei hij (met een lach) “maar niet tegen de klant vertellen; de RAID eronder is toch redundant šŸ™‚“. Er kwamen steeds meer van deze zaken naar boven. En telkens moest ik opletten dat de klant dat niet ontdekte, zo zei Marcel. Op een dag was er een storing in de (cloud)telefooncentrale. Ik ging op onderzoek uit en ontdekte dat het volume vol was. Vol met opgenomen gesprekken. Marcel bleek alle gesprekken, inkomend en uitgaand, op te nemen zonder dat zijn personeel hier iets van wist. Toen ik hem daarop aansprak was hij “not amused”. Ik moest me daar maar niet druk om maken. Tenslotte moest ik mee op een gesprek naar een klant om zijn lezing te staven, als techneut, echter wel wetende dat het niet klopte. Ik weigerde overigens.

Op een woensdag in april was ik op kantoor aanwezig. Ik had hoofdpijn en was moe. De afgelopen 2 weekeinden had ik in het DataCenter doorgebracht. Verhuizing SAN en geplanned onderhoud. Het was rustig en ik besloot om, i.o.m de Office Manager, wat eerder naar huis te gaan. Om 14:00 rijd ik huiswaarts op mijn motor. Thuis aangekomen heb ik een gemist gesprek en een SMS van Marcel. Waarom ik eerder naar huis ben gegaan zonder zijn toestemming. Ik dacht echt dat het een grapje was en belde hem op. Het bleek echter geen grap; Marcel was bloedserieus. Hij vond dat ik een “snipperdagbriefje” had moeten invullen. Ik moest er om lachen. Ik runde zijn hele toko, stuurde al zijn personeel aan en werkte bijna elke avond en meerdere weekenden. Mijn planning was altijd goedgekeurd, vaak achteraf, maar toch. En nu begon hij over een “snipperdagbriefje” binnen een firma waar alles digitaal en on-line gebeurde. “Ja, Joseph, aan het einde van de dag ben je nog altijd WERKNEMER en doe je gewoon wat ik zeg.“. Toen werd ik ook iets serieuzer: “Marcel, dat weet ik maar dit, op dit moment, op deze manier gebruiken kan je in je kont bijten, dat moet je je wel realiseren.“. Hij herhaalde zijn woorden en ik besloot dat te gebruiken: “Marcel, ik heb hoofdpijn, ik ben ziek.“. Daarop hing ik op.

Donderdag was Koningsdag en iedereen was vrij. Op vrijdag ging ik normaliter naar een grote klant voor netwerk-ondersteuning maar deze keer was ik ziek. Marcel belde me, redelijk in paniek: “Waarom ben jij niet bij de klant?“. Ik antwoordde hem dat ik me toch ziek had gemeld bij hem maar hij vond dat ik dan wel vervanging had moeten regelen. Ik regelde tenslotte toch dit soort zaken. Ik antwoordde slechts: “Marcel, aan het einde van de dag ben ik slechts werknemer.“. Nu was het Marcel die de figuurlijke haak erop gooide. Ik dacht dat ik mijn punt nu wel duidelijk had gemaakt en nam me voor het een en ander op maandag met hem uit te praten. Die kans heb ik echter nooit meer gehad. Kort na het gesprek waren al mijn accounts geblokkeerd. E-mail, Citrix, Monitoringsystemen, etc. Zeer grondig was ik buitengesloten. Nog diezelfde dag belde de arbodienst. Ik moest me z.s.m. melden voor controle. Via de arbodienst probeerde Marcel me vroegtijdig te ontslaan maar toen ik me inhoudelijk verzette werd ik op non-actief gesteld tot einde overeenkomst.

Tot zover mijn laatste arbeidsovereenkomst. Wederom volledig uit de hand gelopen. In korte tijd van een prima klik naar een onhoudbare situatie. Waarom en vooral op welk moment is dit fout gegaan? Het enige wat ik nu weet, en wat ik toen niet wist, is dat het in mijn hoofd altijd meer zwart/wit is als bij anderen. Voor mij was de logica helder: het mes snijdt van 2 kanten. Als ik “slechts” een gewone gehoorzame werknemer moet zijn dan heb ik ook het recht me ziek te melden. Dat punt wilde ik maken. Ik hoopte ook dat dit op die manier aan zou komen bij hem. Maar dat deed het niet. Het kwam blijkbaar totaal verkeerd binnen. Stond ik in mijn recht? Jazeker, daarvan ben ik overtuigd, nog steeds. Maar ik begon me te realiseren dat ik daar wellicht niks aan heb als de relatie direct zo verstoord raakt. Voor mijn gevoel speelde mijn ASS weer een hoofdrol. Mijn non-verbale communicatie brak me weer op. Niet alleen de ontvangst maar ook het zenden.

Hits: 24

Dit bericht is geplaatst in Conflict. Bookmark de permalink.

Geef een reactie